Duurzaamheid

Als PerspectieF willen we dat grondstoffengebruik voor economische groei niet ten koste gaat van de schepping die wij gekregen hebben. Om duurzaam te leven moeten people, planet en profit in evenwicht zijn. Voor christenen staat het rentmeesterschap centraal: we hebben de aarde in bruikleen en willen er zo goed mogelijk voor zorgen. God vraagt ons om Zijn Schepping te beschermen en daarom is duurzaamheid belangrijk. Alles lijkt mogelijk te zijn in deze wereld, maar de aarde wordt uitgeput. Hoe rijmen we ons werk, onze landbouw en onze handel met rentmeesterschap?

Onze overheid moet erop letten dat producten mens- en natuurvriendelijk worden geproduceerd. Er moeten dus afspraken worden gemaakt over de kwaliteit van producten en over de behandeling van werknemers. En in de prijs van een product moeten alle kosten worden meegerekend, ook de invloed van de productie op natuur en mens. Bedrijven, burgers en overheid moeten ook kijken naar de gevolgen van beleid en uitvoering. Kunnen wij en ook generaties na ons veilig en gezond leven?

Beleid moet niet puur gaan over korte termijn, maar de gevolgen voor mens en natuur op lange termijn meenemen. We mogen kritisch zijn over de Europese Unie, maar daar zijn al flinke stappen gezet: strenge eisen aan de CO2-uitstoot van auto’s en vrachtwagens, een verbod op wegwerp plastic en aanmoediging van schone energie en hergebruik. We moeten kijken naar wie het snelst en handigst verschil maakt: de Europese politiek, onze overheid, ondernemers of wij zelf?

Ook burgers hebben een taak. We willen minder afval, voedselverspilling en oude energie en brandstoffen (gas, kolen en olie). We willen meer schone energie, hergebruik en spullen die lang meegaan en goed zijn geproduceerd. En duurzaamheid moet duidelijk en haalbaar zijn. Het is vooral belangrijk dat we samen werken aan duurzaamheid. We willen ruimte voor eigen plannen en we willen zelf meedenken over hoe we duurzaamheid aanpakken. Onze overheid heeft een belangrijke rol, maar als burgers, ondernemers en overheid samen aan een duurzame toekomst werken maken we echt verschil!

  • Klimaatverandering

    Hoe kijken wij naar de toekomst als jong volwassen christenen? Gaan we in angst leven omdat de wereld zoals wij die kennen zal eindigen? Moeten wij in angst leven voor de toekomst of mogen wij staan in de kracht en wijsheid die wij ontvangen van onze God en Vader.

    Wij hoeven niet de taak op ons te nemen om de wereld te redden, nee ons is gevraagd om te zorgen voor deze wereld. Onze taak is om goed en eerlijk met ‘onze wereld’ om te gaan! Maar hoe ver reikt onze wereld en hoe groot is de invloed van de mens daarop? De mens heeft zeker invloed op het klimaat, vele wetenschappers zijn al tientallen jaren bezig met het onderzoeken van de invloed van de mensheid op het klimaat en de aarde. Het is dus belangrijk dat wij onze verantwoordelijkheid nemen en klimaatverandering zoveel mogelijk proberen af te remmen.

    · Onze wereld zoveel mogelijk afkoelen. Het gedrag van de mens is niet de enige factor die invloed heeft op het klimaat, ook natuurlijke factoren zoals bijvoorbeeld vulkaanuitbarstingen kunnen invloed hebben. We hoeven dit niet te ontkennen, maar dit is geen reden om de invloed van onze levensstijl te onderschatten. Veel wetenschappers tonen aan dat de mensheid een zeer grote invloed heeft op de klimaatverandering van onze tijd. Ook al zijn we niet volledig ‘in control’: het blijft belangrijk om op een verantwoordelijke manier om te gaan met Gods schepping. Hoe kunnen we dit doen als Nederland of als individu? Dit is een lastige vraag waarop geen duidelijk of makkelijk antwoord is. Toch is het onze verantwoordelijkheid hierover na te denken en stappen in de goede richting te zetten.

    · Meer aandacht voor giftig fijnstof en giftig afval. De aandacht voor de grotere gevolgen van het wereldklimaat is belangrijk. De aandacht voor de gevolgen van ‘onze wereld’ krijgen vaak minder aandacht. Denk aan de gevolgen van slechte luchtkwaliteit, drinkwater of bodemgesteldheid op sommige plaatsen in Nederland. Als wij invloed hebben op onze wereld kunnen we dit de goede of de slechte kant op laten werken. De nadelige gevolgen van het uitstoten van fijnstof, lozen van giftig afval en het boren naar gas in Nederland zijn al merkbaar maar treffen ons allemaal misschien nog niet hard genoeg. We willen meer aandacht geven aan giftig fijnstof en afval. Daar waar we dagelijks mee in aanraking komen en welke de zwakkeren in onze wereld als eerste treffen. Naast de aandacht voor broeikasgas- en fijnstofemissie, moet ook de subsidie voor onderzoek en oplossingen eerlijk verdeeld worden.

    · Nederland voorbereiden op klimaatverandering. We kunnen Nederland klaar maken voor klimaatverandering. Klimaatadaptatie is daarin het sleutelwoord, we moeten in de toekomst omgaan met langere warme periodes en hierdoor ontstane droogte. Daarnaast kunnen we ons ook voorbereiden op extreme weersomstandigheden en hogere waterstanden en springtij. Door de invloed van klimaatverandering zullen we ons ook moeten voorbereiden op meer klimaatvluchtelingen.

    · Met Europa hulp bieden aan de mensen en hun leefomgeving die nu al het zwaarst worden geraakt door klimaatveranderingen. We moeten als Nederland hierin ook Europa wijzen op zijn verantwoordelijkheden. Als Europa moeten we gebieden met extreme klimaatverandering buiten Europa hulp bieden. Soms is ook de grootste winst buiten Europa te behalen, daar waar andere landen ook in een overgang zitten van bijvoorbeeld hout, olie en kolen naar gas worden grote CO2 besparingen behaald. Ook in warmere landen waar nog veel giftige koelkast en airco gassen kunnen vrijkomen die de ozonlaag aantasten kan Europa hulp bieden op grote schaal.

  • Duurzaam consumeren

    Werken aan een duurzame samenleving vraagt meer dan alleen nadenken over technologische en economische oplossingen. Willen we zorgen voor langdurige verandering, dan moeten we ook voldoende aandacht geven aan de sociale kant van duurzaamheid. Klimaatverandering en het ontwikkelen van een duurzame samenleving heeft niet alleen impact op de aarde en de economie, maar ook op mensenlevens. Aandacht voor invloeden van ontwikkelingen in naam van duurzaamheid op mensenlevens is heel belangrijk. Er moet een goede balans worden gevonden tussen economische, ecologische en sociale duurzaamheid. Het zoeken naar deze balans vraagt om een fundamentele verandering in ons denken en in de manier waarop we de wereld en onze samenleving vormgeven. Of anders gezegd, het vraagt een fundamentele verandering in onze lifestyle. Dit vraagt inzet van iedereen, van zowel de overheid, haar burgers als het bedrijfsleven. Deze fundamentele verandering kost tijd en kan pijn doen. Tegelijkertijd kan dit ook gezien worden als een kans om onze aandacht voor mensenrechten en sociale rechtvaardigheid aan te scherpen. Daarnaast vragen duurzaamheidsvraagstukken ook snelle veranderingen en keuzes. Wanneer we aan de slag gaan met duurzaamheidsvraagstukken is het belangrijk oog te hebben voor deze verschillende kanten van de verandering. Een belangrijke invloed van burgers op het gebied van (on)duurzaamheid ligt in de manier waarop we consumeren. PerspectieF vindt het belangrijk dat we gezamenlijk op weg gaan naar een nieuw normaal op het gebied van consumeren, namelijk naar een lifestyle van ‘duurzaam consumeren’. Hiermee bedoelen we: consumeren zonder dat mens en milieu hier nadeel van ondervinden. Om dit nieuwe normaal voor burgers mogelijk te maken is het van belang dat de overheid zich inzet om burgers duidelijkheid te bieden over welke producten duurzaam zijn. Ons denken moet niet alleen gericht zijn op de financiële kosten, maar ook op ecologische kosten en kosten op gebied van mensenrechten. Bedrijven moeten transparant worden over al deze kosten.

    Perspectief vindt dat de overheid nog meer haar best moet doen om consumenten te ondersteunen en te bewegen om duurzamere keuzes te maken in hun dagelijks leven. Hieronder staan een aantal deelgebieden verder uitgewerkt waarvan wij vinden dat de er actie op moet worden ondernomen.

    · Het verder veranderen van de wegwerpcultuur waarin verpakkingen na eenmalig gebruik worden weggegooid. Een belangrijke eerste stap is een aantal jaar geleden gezet door verbod op gratis plastic tasjes en het recent ingevoerde statiegeld op kleine petflesjes. Nu is het tijd om het gebruik van wegwerpproducten verder in te dammen. Geef subsidie aan bedrijven die graag hun product op een duurzame manier willen verpakken en maak consumenten bewust van de alternatieven die er zijn, bijvoorbeeld: vraag aan vrienden en familie of ze wat servies willen meenemen als je een feestje geeft. Zo hoef je geen wegwerpplastic aan te schaffen.

    · Werken aan een duurzaam en sociaal rechtvaardig inkoopbeleid. PerspectieF vindt het belangrijk dat de overheid het goede voorbeeld geeft als het gaat om duurzaam consumeren en daarom streeft naar een 100% duurzaam en sociaal rechtvaardig inkoopbeleid door de overheid.

    · Stimuleren van duurzame productieketens met aandacht voor sociale rechtvaardigheid en het duurzaam gebruik van grondstoffen. De overheid kan hieraan bijdragen door bedrijven te verplichten inzicht te geven in hun supply chain. Zowel de economische, ecologische, als sociale kosten moeten duidelijk zijn. Hiermee geeft het consumenten meer inzicht in het productieproces van bedrijven. Daarnaast is het de taak van de overheid om de bewustwording te vergroten van consumenten over duurzame producten, bijvoorbeeld door middel van een overheidscampagne.

    · Stimuleer de deeleconomie. Hiermee bedoelen we consumenten die bepaalde spullen met elkaar delen en aan elkaar uitlenen. Dit is beter voor het milieu omdat er minder geproduceerd hoeft te worden en er dus minder grondstoffen gebruikt worden. Daarnaast is het goed voor de portemonnee: je spaart geld uit door iets te lenen in plaats van nieuw aan te schaffen. Ten slotte brengt het mensen in contact met elkaar. Door subsidies te geven aan bedrijven die bijdragen aan de deeleconomie kan dit fenomeen verder groeien.

    · Duurzame keuzes moeten toegankelijk zijn voor iedereen, niet alleen voor mensen met een hoger inkomen. Daarom moeten mensen met een lager inkomen financieel ondersteund worden om duurzame alternatieven te kunnen betalen. Denk hierbij aan financiële compensatie voor het plaatsen van zonnepanelen of het kopen van biologische producten.

    · Het stimuleren van MVO (Maatschappelijke Verantwoord Ondernemen) door de importtarieven te verlagen voor bedrijven die zich aan de OECD richtlijnen houden. Denk hierbij aan windmolens of duurzame kleding.

  • Landbouw & Voedselproductie

    Boeren spelen een belangrijke rol in de Nederlandse voedselproductie en wereldwijd. Sinds de Tweede Wereldoorlog is de Nederlandse landbouw enorm ontwikkeld en gegroeid tot een van de meest productieve ter wereld. Ons eigen kenniscentrum op dit gebied, Wageningen University & Research, staat al jarenlang in de top drie van beste agrarische universiteiten ter wereld. PerspectieF is trots op de grote hoeveelheid kennis en technologie die we in Nederland hebben opgebouwd en exporteren.

    Onze landbouwsector heeft een grote invloed op onze eigen omgeving. De stikstofcrisis is het duidelijkste voorbeeld. Boeren voelen zich niet gewaardeerd, burgers zijn ongerust en de overheid wil de natuur herstellen maar ook stikstofruimte behouden voor landbouw, wegenbouw en industrie. Het stikstofprobleem moet zo snel mogelijk opgelost worden. De natuurgebieden in Nederland moeten kunnen herstellen en weer de status krijgen die zij verdienen. Alle partijen die invloed hebben op dit probleem en bijdragen aan stikstofemissie moeten stappen zetten. De overheid moet hierbij acceptabele mogelijkheden bieden, zowel aan de industrie als aan de boeren.

    Om tot langdurige oplossing van dit soort problematiek te komen moet Nederland omschakelen naar innovatieve, duurzame kringlooplandbouw in de regio (Europa). Grondstoffen

    voor veevoer moeten uit Europa komen, en mest van dieren moet zoveel mogelijk op eigen grond of die van de buurman toegepast worden. De gedachte dat we zo veel mogelijk moeten produceren per dier of per hectare moeten we loslaten, want dat leidt tot overbelasting van boeren en dieren en vervuiling van ons milieu. Boeren moeten sterke dieren houden die lang leven en voer uit de regio krijgen. Het aantal dieren moet in evenwicht zijn met de hoeveelheid grond waarop de mest kan worden geplaatst (grondgebonden). Kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen hebben een negatief effect op het water en leven in de bodem. Er moet een plan komen om het gebruik van deze middelen langzaam af te bouwen.

    De overheid moet zorgen voor begrijpelijke regelgeving die doeltreffend is en niet bepaalde sectoren dupeert. Boeren moeten zorgen dat als zij acties ondernemen die de lucht binnen en buiten de stal schoner maken dat de actie de bron van het probleem aanpakt. Hierdoor worden emissies verminderd en dat is beter voor het klimaat. Door ingewikkelde regelgeving mag voedselafval van restaurants en supermarkten nu niet verwerkt worden in veevoer. Om de kringloop beter te sluiten moet hiervoor een oplossing komen.

    Boeren moeten een goed inkomen hebben. Boeren moeten de kans krijgen om goed te onderhandelen met de fabriek over de prijs die zij krijgen voor hun product. Boeren moeten betaald worden voor het zorgen voor biodiversiteit op het bedrijf en het onderhouden van een mooi landschap.

    Er moet meer aandacht in het onderwijs naar voedselproductie. Onderwijs en open dagen op de boerderij waardoor burgers meer leren over landbouw en voedselproductie moeten gestimuleerd worden. Het is belangrijk dat mensen weten waar zij gemakkelijk voedsel van een boerderij in de buurt kunnen kopen.

    De overheid moet aan de slag met de Green Deal die de EU heeft gepresenteerd. Biologische landbouw en andere vormen van duurzame landbouw moeten meer aandacht en stimulans krijgen.

    De overheid moet zorgen dat de grondstoffen die wij gebruiken zoveel mogelijk uit de regio komen, bijvoorbeeld door een belasting in te voeren op landbouwproducten die buiten Europa worden geproduceerd. De overheid moet met een plan komen om kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen op termijn uit te faseren.

    Starters moeten geholpen worden. Boeren die willen starten of het bedrijf willen overnemen moeten worden gesteund met financieel en bedrijfsmatig advies en moeten kunnen lenen tegen een aantrekkelijk tarief.

    De Nederlandse consument moet ook in actie komen. Er moet aandacht komen voor het kopen van producten van Nederlandse bodem. Korte ketens zoals het kopen bij de boer zelf moeten gestimuleerd worden. Lokale, duurzame en seizoensproducten moeten herkenbaar in het schap liggen. Vegetarisch koken moet gemakkelijker worden en meer de standaard keuze.

  • Energie en grondstoffen

    Duurzaam omgaan met energie begint allemaal met het naleven van de drie stappen van Trias Energetica. In de eerste stap moeten we ons zoveel mogelijk focussen op het tegengaan van verspilling van energie. In de tweede stap moeten we zoveel als mogelijk gebruik maken van energie uit duurzame bronnen zoals wind-, water-, en zonne-energie. Als derde stap moeten we zo efficiënt mogelijk omgaan met fossiele brandstoffen, waar we ook kernenergie onder stellen. We moeten streven naar een energienetwerk waarin fossiele brandstoffen enkel als buffercapaciteit dienen.

    Voor alle nieuwe ontwikkelingen moet Trias Energetica het uitgangspunt worden. Volgens de derde stap van de Trias Energetica moeten we niet het bestaande vroegtijdig afbreken, dat is verspilling. Het heeft bijvoorbeeld veel energie gekost om alles om ons heen te bouwen: huizen, energiecentrales, schuren, etc. Deze energie komt uit fossiele brandstoffen. Om deze reden moeten we de beslissing tot afbreken en herontwikkelingen maken op basis van het einde van de levensduur, economische redenen, historische waarde, dierenwelzijn en als belangrijkste met respect voor de menselijke waardigheid.

    Grondstoffen gebruiken we voor allerlei doelen. Gebouwen, elektrische apparaten, vervoersmiddelen, meubels, wegen, enzovoort zijn allemaal gemaakt van grondstoffen. Grondstoffen halen we uit de natuur of uit de aarde, door bijvoorbeeld mijnbouw. Het is belangrijk om zuinig om te gaan met grondstoffen, omdat de meeste daarvan eindig zijn en dus opraken.

    Investeren in hernieuwbare energie. Op termijn moeten we niet meer afhankelijk zijn van eindige (fossiele) energiebronnen. Zonnepanelen en windmolens zijn hierin de toekomst.

    Huizen en gebouwen moeten goed geïsoleerd zijn. Door goede isolatie is weinig energie nodig om een huis of gebouw in de winter op te warmen en in de zomer af te laten koelen.

    Alle grondstoffen die gebruikt worden moeten herbruikbaar zijn. Als een apparaat stuk gaat, moeten de onderdelen weer gebruikt kunnen worden. Dit geldt vooral voor elektrische apparaten, omdat veel onderdelen kostbare metalen zijn. Om bedrijven te motiveren herbruikbare materialen te gebruiken krijgt elk apparaat een keurmerk dat aangeeft hoe goed recyclebaar het is. De overheid maakt een doelstelling voor bedrijven met een percentage wat bedrijven terug moeten winnen aan grondstoffen.

    Consumenten moeten gestimuleerd worden tot recyling. Consumenten die een kapot of oud apparaat hebben moeten het gemakkelijk kunnen inruilen in de milieustraat of bij het bedrijf die het apparaat heeft gemaakt. Om consumenten te stimuleren dit te doen moeten zij bewust worden gemaakt van de waarde van grondstoffen, en moet er een soort statiegeldsysteem worden ontwikkeld voor elektrische apparaten.

    Apparaten moeten gemakkelijk te repareren zijn. Om niet telkens een nieuw apparaat te moeten laten maken is het belangrijk dat apparaten makkelijk te repareren zijn. Hierdoor worden apparaten langer gebruikt en wordt er niet zomaar iets weggegooid.

    Grondstoffen moeten op een eerlijke en mensvriendelijke manier gedelfd worden. Dit betekent dat mensen die in mijnen of op plantages werken goede arbeidsvoorwaarden hebben. Een keurmerk zoals FairTrade kan hierbij helpen. Bedrijven die grondstoffen importeren moeten verplicht zijn om producten met een keurmerk aan te kopen.

  • Mobiliteit

    We maken bijna allemaal dagelijks gebruik van een vervoermiddel. Of dit nu de fiets, auto of trein is. PerspectieF wil meer aandacht en geld voor schoner en duurzamer vervoer en wil dat fossiel vervoer afgebouwd wordt. Dit geldt zowel voor personenvervoer als vrachttransport. Vrachttransport over lange afstanden moet zoveel mogelijk met de trein of het binnenvaartschip gebeuren. De ontwikkeling in duurzame technologie en alternatieve, schonere brandstoffen moet worden gestimuleerd. PerspectieF wil ook dat vervoer per vervoermiddel wordt belast en niet vooral op aanschafprijs. Het aantal kilometers dat een vervoermiddel aflegt moet meetellen, net als geluidsoverlast, emissies en verkeersdrukte. Dit stimuleert zuinig en duurzaam vervoer.

    Onze standpunten:
    · Openbaar vervoer moet sneller en directer worden en meer capaciteit hebben. Korte reistijd, directe verbindingen en grotere capaciteit maken openbaar vervoer. Er moet ook ingezet worden op betere treinverbindingen met andere landen. Nu sluit het spoor bij grenzen niet aan waardoor er moet worden overgestapt. Als het Europese treinnetwerk echt wordt aangepakt, scheelt dat korte vluchten die relatief het meest belasten.
    · Duurzamer vervoer moet betaalbaar en haalbaar zijn. Duurzamer reizen moet mogelijk zijn voor iedereen, niet alleen mogelijk voor mensen met hoge inkomens. PerspectieF wil dat wordt gekeken naar hoe duurzamer vervoer financieel aantrekkelijker kan worden dan meer