« Terug

Ik zeg alleen "ik sta achter je" tegen familieleden

Banner nieuwsbericht.pngdinsdag 07 juni 2022

Dit essay van Antrude Oudman is ter voorbereiding op de gespreksavond over Israël/ Palestina met Gert-Jan Segers en Trineke Palm, op 13 juni. Klik op de link onderaan voor meer informatie.

Als ik mijn reactie op de stelling ‘de ChristenUnie loopt naïef en onverantwoord aan de leiband van Israël’ zou samenvatten, is dat de waarschuwing: liefde voor Israël mag geen kritiekloze liefde zijn. Iets op een voetstuk zetten is altijd gevaarlijk. Veel christenen voelen een bijzondere band met Israël vanuit de Bijbel en de geschiedenis van het christendom. Maar: het bijbelse volk Israël en de huidige staat Israël zijn twee verschillende dingen.

Bij de ChristenUnie mis ik de nuance in het partijstandpunt. Erger nog: ik mis de rechtvaardigheid want van de Palestijnen wordt een waslijst aan helder gedefinieerde normen gevraagd en van Israël alleen het vage ‘oog hebben voor de belangen van de Palestijnen’. Mijn kritiek op de standpunten en uitlatingen van de ChristenUnie komt op twee punten neer.

Ten eerste: als je etniciteit voorop zet, kom je niet verder dan praten over etniciteit. Ik hoor bij de ChristenUnie de redenering: Israël moet een veilige haven zijn gezien het groeiend antisemitisme. Ik heb moeite met die logica. Als je het bestaansrecht van de staat Israël primair fundeert op het bestaan van antisemitisme, is de discussie etnisch geladen. De stap is klein naar kritiek op Israël uitleggen als antisemitisme. En daarmee sla je alle ruimte tot reflectie dood, want antisemitisme is het zwaarste verdedigingswapen dat er is.

Ten tweede: de manier waarop zij haar minderheden behandelt is het fundament – en de spiegel – van een democratie. De integriteit van een bestuur beoordeel je op haar gehele handelen. Dat betekent dat de staat Israël niet los kan worden gezien van haar optreden op de Westoever en in andere bezette gebieden. Eén regering van Israël is uiteindelijk verantwoordelijk. Dus: als ik de bezettingspolitiek, het geweld en de tweederangsstatus van Palestijnen in bezette gebieden zie en concludeer dat Israël levens van Palestijnen minder waard vindt, dan trek ik die kritiek door. Want wat zegt dit over haar democratie, dat Israël een minderheid achterstelt?

Ik mis die bredere blik bij de ChristenUnie. Dat wat ik zie naar de buitenwereld toe is de reflex: we staan achter Israël. En die reflex begrijp ik niet. Dat waarvoor ik zo absoluut en onvoorwaardelijk ‘ik sta achter je’ zeg is op twee handen te tellen – en dat zijn allemaal familieleden. Ik sta niet achter een staat. Ik sta achter het bestaan van de staat Israël in het gebied van het Bijbelse Israël, maar niet achter de huidige politieke staat Israël.

Laatst had ik een gesprek over grenzen. ‘Als ik over mijn grens ga en ik weet dat jij in de buurt was, dan kijk ik jou de volgende ochtend ook kwaad aan omdat jij niets deed,’ zei ik. De ander: ‘Ik zou mezelf voor mijn kop slaan, ik ben zelf verantwoordelijk.’ Maar ik bedoelde beide. Reken maar dat ik mezelf afbrand, maar reken ook erop dat ik jou aanspreek op het feit dat jij niet ingreep omdat ik van jouw betrokkenheid uitga. En dat is een betrokkenheid die ik van de ChristenUnie verwacht.

Antrude Oudman

Meer informatie over de gespreksavond op 13 juni