Tranen van Lesbos, tranen van Kaper

_Mijn kat Bliksem heeft het beter dan de kinderen op Lesbos_.pngwoensdag 28 oktober 2020 11:22

‘Mijn kat Bliksem heeft het beter dan de kinderen op Lesbos’

door Sophia de Vries

Uiteraard is er veel geld naar Griekenland gegaan om de opvang goed te regelen, maar de opvang is ondermaats en met een tijdelijk tentenkamp is het nu nog erger geworden. In reactie hierop  kwamen verschillende partijen in beweging, en is de Moriadeal gesloten, waarin de coalitiepartijen afspraken hebben gemaakt over de opvang van de vluchtelingen in die crisissituatie.

PerspeX sprak Esther Kaper, #39 op de lijst voor de Tweede kamerverkiezingen, één van de mede-indieners van de motie ‘Tranen van Lesbos’ die zal worden ingediend op het partijcongres van de ChristenUnie. Ook doet ze mee aan de actie #FiksDeMoriaDeal.

Wat is er aan de hand?

“Op Lesbos worden al langere tijd vluchtelingen opgevangen. Vanaf het begin gaat dat, op zijn zachtst gezegd, niet helemaal volgens plan. Het eerste kamp wás al te klein. Als je steeds meer mensen onderbrengt in een kamp met een beperkt aantal tenten en beperkte sanitaire voorzieningen dan gaat dat niet goed – dat gaat op festivals in Nederland al niet goed.”

De vluchtelingen komen met gevaar voor eigen leven naar Europa. Vervolgens moet beoordeeeld worden wie mag blijven en wie teruggestuurd zal worden. Tot die tijd zijn lidstaten op basis van mensenrechtenverdragen verplicht om deze mensen op te vangen. Een maand geleden is het kamp grotendeels afgebrand en waren er 12.000 vluchtelingen zonder dak boven hun hoofd.

De rekensom

Kaper legt uit dat de criteria voor de 100 vluchtelingen dusdanig beperkend zijn dat waarschijnlijk maximaal 38 kinderen uit heel Griekenland  daaraan zullen voldoen. Die 100 vluchtelingen die Nederland zou opvangen worden ook nog afgetrokken van het aantal vluchtelingen dat Nederland moet opnemen op basis van het UNHCR hervestigingsquotum. (Dat zijn er jaarlijks 2000, red.) Kaper laat zich verbaasd uit over deze gang van zaken: “‘Onder de eindstreep blijft het dus gelijk,’  zei de VVD. Ik zal maar niet hardop zeggen wat ik toen dacht. Ik vind het ongelofelijk dat er op zo’n manier over de meest kwetsbare mensen wordt gespoken. Stel je voor dat de vluchtelingen in Egmond aan Zee zouden zijn aangekomen en in een kamp zouden zitten, in de regen, storm en de winter die eraan komt. Als de rest van Europa dan zegt: We kunnen misschien 100 of maximaal 1000 vluchtelingen opnemen. We krijgen de handen niet op elkaar, dus Nederland, zoek het maar uit, dan zouden wij ons ongelofelijk verlaten voelen.”

 “We hebben toch met elkaar als Europese landen afgesproken dat we gezamenlijk optrekken? Hoe is het in 2020 mogelijk dat wij, in een welvarend Europa, die mensen in de rotzooi laten zitten? En dat het ons niet lukt om opvang te regelen? Ik vertrouw er op dat Gert-Jan Segers en Joël Voordewind alles doen wat in hun vermogen ligt om de coalitie zo ver te krijgen dat ze meer doen voor deze vluchtelingen. Voor het opvangen van deze mensen is alleen geen meerderheid in de Tweede Kamer. Stel dat de CU zegt: ‘Dit is voor ons een breekpunt, we stappen uit de coalitie’, dan is het probleem daarmee nog niet opgelost. Het is dus niet onbegrijpelijk dat ook de CU vóór de Moriadeal heeft gestemd. Misschien kunnen wij als ChristenUnie beter deel van de coalitie blijven, om te proberen oplossingen te vinden. De druk moet dan toch echt vanuit de maatschappij en vanuit de leden komen.”

Gesproken over die onderhandelingen: is er meer mogelijk?

Over de onderhandelingen over de Moriadeal zelf oordeelt Kaper niet. “Ik weet niet wat andere partijen hebben ingebracht tijdens de onderhandelingen, ik weet niet waar exact de grens heeft gelegen, wat de consequenties zouden zijn.  Maar als lid en als moeder van twee kleine kinderen zie ik vooral vrouwen zoals ik, met hun kleine kinderen in die ellende. Dan is alles wat ik wil: helpen. Dan wil ik dat we als Nederland meer doen dan we nu doen. Tegelijkertijd vertrouw ik erop dat Gert-Jan en Joël hebben gedaan wat ze kunnen. Daarover oordeel ik niet.”

Kaper toont zich bewust van haar positie, juist omdat deze niet aan de onderhandelingstafel is. Ze benadrukt dat het belangrijk is dat leden zich uitspreken. Leden kunnen immers de druk opvoeren, zoals ook gebeurde in 2018, rond het kinderpardon: “Nu doen wij dat opnieuw, alleen dan gezamenlijk, omdat het vanuit de coalitie moet komen.”

En de leden dringen aan op het opvangen van meer mensen. Niet 100 kwetsbare kinderen in plaats van 100 vluchtelingen voor het UNHCR-quotum, maar juist daarbovenop. En liefst nóg eens 500, omdat het een crisissituatie betreft. Er zijn nu ruim 1000 handtekeningen van partijleden, waarvan de meeste van D’66- en CU-leden. Het CDA is ook goed vertegenwoordigd, maar de VVD blijft achter. Kaper: “Dat verbaast me niet. Zij willen, denk ik, de kiezers bij zich houden. In hun achterban is een veel grotere weerstand om meer vluchtelingen op te vangen.”

Waar denkt u dat die weerstand vandaan komt? Is dat een kwestie van ongemak?

Ja, denkt Kaper: “Mijn kat Bliksem heeft het beter dan de kinderen op Lesbos. Hij heeft eten en drinken, het is warm en droog. Dat besef hakt erbij mij in. We zorgen beter voor onze huisdieren dan voor deze vluchtlingen.” Het contrast is ongemakkelijk, maar overkomelijk. Op mijn vraag of zij zelf ook een kind van Lesbos in huis zou nemen, antwoordt Kaper zonder aarzelen bevestigend: “Dat zou wel een beetje krap worden, maarja, als dat alles is.”

Met de voedselbanken, woningtekorten en moeilijkheden door corona die we in Nederland al hebben, is het “verschrikkelijk ongemakkelijk” om je land en je hart open te stellen voor mensen die hun eigen problemen meenemen. “Maar het is wel de realiteit.”

Kaper heeft in 2015 zelf meegeholpen met de verzorging van de lunch bij een opvanglocatie voor vluchtelingen in haar dorp Kortenhoef. Ze beschrijft hoe het dan opeens dichtbij komt, en hoe je mensen ziet zoals jij en ik. “Het is onrecht dat mij raakt.” Dat onrecht mag nooit vanzelfsprekend worden.

De strijd tegen onrecht is op zijn minst een christelijk motief. Hangt dit initiatief samen met uw opvattingen over het christelijk geloof?

“Ik zie mensen als kinderen van God: gelijk, en even waardevol. ‘Vluchteling’ lijkt nu bijna een stempel. Ik zie geen vluchteling, ik zie een mens in nood, een mens op de vlucht. Ik geloof ook dat wij als christenen geroepen zijn voor de kwetsbaren onder ons, die het niet zo getroffen hebben zoals wij. Dat is een appèl dat ik sterk van binnuit voel. Niet omdat dat ‘moet als christen’.”

Dat hetzelfde christelijk appèl een andere uitkomst kan geven bleek vorig jaar februari. Gert-Jan Segers spreekt op een CU-bijeenkomst op dat moment heel anders over vluchtelingen: “Wij moeten de poorten sluiten, opdat wij barmhartig kunnen zijn.” Hoe kan het dat u met eenzelfde christelijke overtuiging tot andere (politieke) conclusies komt?

“Dat ik dit zo zie, betekent niet dat al die duizenden en duizenden mensen bij ons moeten komen wonen. Ik ben wél voor een rechtvaardig en duidelijk asielbeleid, maar in deze discussie worden de vluchtelingen ontmenselijkt. Daar heb ik heel veel moeite mee, omdat ik geloof dat God ons als gelijken ziet. Elk mens is even waardevol en wij zijn er ook om voor elkaar te zorgen. Dat neemt niet weg dat je als land moet kijken naar wat je aankan, en naar het sentiment in de samenleving.”

Dat het mensen ook kan beangstigen, begrijpt ze goed. Zeker gezien hetgeen dat gebeurt in Duitsland en Frankrijk: “Voor mij is het het belangrijkste dat we altijd de mens blijven zien en doen wat in ons vermogen ligt. Samen met alle andere Europese landen. We moeten niet vergeten dat dit een probleem is dat zich bínnen de Europese grenzen voordoet. Nederland kan niet als enige zeggen ‘wij lossen het wel op’. Je moet het met elkaar doen, en dat maakt het ook zo complex.”

Tot slot: wat zou je mee willen geven aan alle jonge ChristenUnie- en Perspectief-leden?

Ik zou daarvoor graag Theoloog des Vaderlands Samuel Lee willen citeren: ‘Verlies je christelijke ziel niet.’ Een menselijk hart geldt natuurlijk voor iedereen, maar Lee sprak specifiek de christelijke partijen aan. Verlies niet waar Jezus over heeft gesproken,  als het gaat over je naasten. Dat was een appèl dat mij raakte. Je kán jezelf verliezen in de discussie, in de voors en tegens, de harde taal en de narigheid die voortkomt uit dit onderwerp op social media. Toch denk ik dat we niet alleen staan. Er zijn ook andere partijen die zich voor dit onderwerp inzetten.”

Kaper heeft geaarzeld om haar stem te laten horen, omdat je je gezicht laat zien en je naam verbindt aan een onderwerp waar onoverkomelijk nare reacties op komen. “Als je echt gelooft dat hier een oplossing voor moet komen, dan moet je ook naar voren stappen en je naam daaraan durven verbinden. Je voelt je misschien machteloos in deze discussie. Je ervaart misschien woede of onmacht, maar als mens kun je je uitspreken en dat heeft altijd effect. Voel je niet te klein.”  

Meepraten over dit onderwerp? Stuur uw reactie op dit artikel naar perspex@perspectief.nu

 

 

 

« Terug